Boekreview: Technisch lezen in een doorlopende lijn – Marita Eskes

De code kraken en het mysterie van letters ontrafelen. Letters op papier herkennen als onderdeel van een woord en als teken voor een klank. Al deze letters met hun klanken in je hoofd samenvoegen tot een woord en zo het woord decoderen, oftewel: technisch lezen. Een complex proces waar veel aandacht aan besteed wordt in de onderbouw van de basisschool. Boekenkasten zijn er volgeschreven over aanvankelijke lees- en taalvaardigheid bij kinderen in de onderbouw. Een goed begin is immers het halve werk: als de basis van het lezen maar goed is. Dus gaat elke kleuterjuf aan de slag met lettertafels, boekenhoeken en rijmpjes en gaat een groot deel van de onderwijstijd in groep 3 en 4 naar het ontwikkelen van de technische leesvaardigheid. We halen alles uit de kast om kinderen te leren lezen, toch vertrekt ongeveer een derde van de basisschoolleerlingen naar het voortgezet onderwijs met een onvoldoende leesvaardigheid. Hoe kunnen we dit veranderen? Wat is nou goed, effectief en duurzaam leesonderwijs? Hoe ziet een goede technisch leesles eruit, in hoeverre (en hoe?) dient de methode gevolgd te worden en op welke manier gaan we verder met technisch lezen ná groep 4? Stuk voor stuk goede vragen, nu de antwoorden nog. Marita Eskes zet ze uiteen in haar boek ‘Technisch lezen in een doorlopende lijn‘.

Technisch lezen onder de loep

Eskes begint bij het begin. Ze doet geen aannames over de voorkennis van de lezer en geeft ons in de eerste drie hoofdstukken een welkome opfriscursus. Bekende onderwijskundige principes zoals modeling, scaffolding (ik doe het – wij doen het samen – jullie doen het – jij doet het) en differentiatie worden in het zonnetje gezet. Hoe zat het ook alweer? Waarom zijn deze principes zo bekend, wat maakt ze effectief en relevant? Eskes vertaalt deze theoretische kennis vervolgens naar de praktijk van het technisch leesonderwijs. Ze vertelt wat technisch lezen is, hoe het tot stand komt en hoe je hier als leerkracht op kan inspelen tijdens de technisch leesles. Al deze feitelijke – en áltijd wetenschappelijk onderbouwde – kennis wordt afgewisseld met ‘kijkjes in de praktijk’. Persoonlijk vind ik deze aparte alinea’s gelijk de kracht van het boek. Hier wordt mijn vraag: ‘Maar hoe dan?!’ namelijk beantwoord. Na het lezen van theoretische stof heb ik behoefte aan een voorbeeld; een realistisch doorkijkje waar ik het ideaalbeeld van de onderwijskundigen in de praktijk zie. Ik moet het voor me zien, dan is het namelijk veel simpeler dan ik in eerste instantie denk. Na het lezen van het ‘kijkje in de praktijk’ komt steeds het ‘ohja’ moment. En direct daarna het ‘dat ga ik eens proberen’ of ‘oh, dat doe ik al!’- moment.

In de eerste drie hoofdstukken wordt de basis dus gelegd, hierna gaat Eskes per hoofdstuk in op een bepaalde (leeftijds)groep in de basisschool. Het is dan ook slim om de eerste drie hoofdstukken zeker te lezen, voordat je naar het hoofdstuk bladert wat het meeste op jou en jouw klas van toepassing is. Door het boek heen wordt vaak teruggekoppeld naar de kennis en voorbeelden uit de eerste drie hoofdstukken, het leest dus fijn om deze achtergrondkennis te hebben. Eskes tipt dit zelf in haar inleiding, dus heb ik dit braaf gedaan. Ik kan zeggen: het klopt!

De bouwstenen van effectief onderwijs (Eskes, 2020)

Na het lezen van hoofdstuk 1,2 en 3 heb ik me gefocust op de hoofdstukken die ingaan op technisch lezen bij kleuters en in groep 8, aangezien dit de groepen zijn die ik zelf lesgeef. Elk hoofdstuk is daadwerkelijk toegespitst op een bepaalde doelgroep. Wat werkt wel, wat juist niet en waarom? Het ‘kijkje in de praktijk’ keert (gelukkig!) steeds terug, net als het stukje ‘eigen ervaring’. Hier schrijft Eskes vanuit haar eigen ervaring (verassend) als onderwijskundige en leescoördinator over o.a. observaties en gesprekken die zij heeft gevoerd omtrent het onderwerp wat besproken wordt. In deze stukken komt juist de professionele ontwikkeling van leraren naar voren, wat ze erg interessant maakt voor bijvoorbeeld schoolleiders of collega’s met een IB-functie. Aan het belang van onderwijskundig leiderschap wordt overigens ook een hoofdstuk besteed. Dit staat vol met theoretisch onderbouwde tips en handvatten om als onderwijskundig leider goed vorm te kunnen geven aan het technisch leesonderwijs, door altijd zicht te houden op de verschillende doelen voor inhoud, leerlingen en leerkrachten.

Opbouw

De hoofdstukken van dit boek zijn dus bewust gekozen en verdeeld per (leeftijds)groepen in het basisonderwijs. Nog een pluspunt en doel van dit boek: het technisch lezen ná de onderbouw onder de aandacht brengen. Het leesniveau van schoolverlaters laat zien dat het belangrijk is om het technisch lezen in de midden- en bovenbouw niet te laten ondersneeuwen door andere vakken. Ook aan deze groepen besteedt Eskes dus aandacht. Waarom technisch lezen onderhouden, en hoe? Theoretisch onderbouwde antwoorden worden gegeven en vervolgens praktisch uitgewerkt. Zo bevat dit boek tientallen tips die aan het einde van een paragraaf de gegeven informatie vertalen naar de klas, zoals: ‘Tien tips rondom het monitoren van de leesontwikkeling in groep 3’ of ‘Tien tips rondom het differentiëren in groep 7 en 8’. Overzichtelijk en behapbaar: hier kan je gelijk mee aan de slag.

Na theorie over effectieve routines, een praktisch voorbeeld van een dagprogramma (Eskes, 2020)
  • Hoofdstuk 1: Belang van geletterdheid
  • Hoofdstuk 2: Technisch leren lezen in een doorlopende lijn
  • Hoofdstuk 3: De rol van het didactisch handelen
  • Hoofdstuk 4: Groep 1 en 2: voorbereidende leesvaardigheden
  • Hoofdstuk 5: Groep 3: het leren lezen centraal
  • Hoofdstuk 6: Groep 4, 5 en 6: de weg naar het vloeiend lezen
  • Hoofdstuk 7: Groep 7 en 8: onderhoud en uitbreiding van de leesvaardigheid
  • Hoofdstuk 8: De rol van onderwijskundig leiderschap
  • Hoofdstuk 9: Leesmotivatie en leesbevordering

Downloads

In elk hoofdstuk worden downloads aangeboden waarmee je de tips uit het boek makkelijk kan toepassen in de klas. Bijvoorbeeld een poster met de afspraken van het duo- of stillezen. Maar ook formulieren om de groep in kaart te brengen na een toetsperiode of voor de overdracht aan het einde van het schooljaar! Deze downloads vind je op de website van Uitgeverij Pica, waar je toegang krijgt tot de materialen met een persoonlijke code. Persoonlijk vind ik dit heel handig, het zorgt ervoor dat ik echt met de theorie aan de slag kan en wil gaan.

Poster met afspraken voor het duo-lezen

Wat neem ik mee?

Dit is een boek wat ik graag op de PABO had gelezen en gebruikt. Eskes is grondig, wat ervoor zorgt dat haar boek heel compleet is. Alle informatie die relevant en nuttig is voor het bereiken van het doel: goed technisch leesonderwijs, wordt gegeven. Onderwijskundige principes en aanpakken worden in begrijpelijke (vak)taal uitgelegd en ondersteund met voorbeelden die daadwerkelijk realistisch en haalbaar zijn in de onderwijspraktijk. Zo zet ze uiteen hoe goed technisch leesonderwijs eruit ziet, niet alleen in de onderbouw maar zeker ook in de midden- en bovenbouw. Goed technisch lezen is de basis voor goed begrijpend lezen en een sterke taalvaardigheid. De aanname dat kinderen in de bovenbouw op niveau lezen moet gecontroleerd worden zodat we kunnen ingrijpen; iets wat ik mijzelf goed in de oren knoop.

De formatie voor het schooljaar 2020-2021 is bij ons op school momenteel in volle gang. Ongeacht welke groep ik volgend jaar krijg: de downloads wil ik gaan gebruiken om meer inzicht te krijgen in de doelen en voortgang van de klas wat betreft technisch lezen. Misschien werkt het wel aanstekelijk?

‘Technisch lezen in een doorlopende lijn: een praktisch handboek voor de basisschool’ (300 pagina’s) van Marita Eskes is voor €29,95 verkrijgbaar bij o.a. bol.com en Bruna.

Geef een reactie